Detail from Avati's cover painting for The Roman Spring of Mrs. Stone, by Tennessee Williams

INDEX AVATI
HOME
AUTHORS
FINE ARTS

Ed Schilders

De Amerikaanse paperbacks in de bibliotheek van

Bertolt Brecht

Bertolt Brecht, schrijver van zulke theaterklassiekers als Mahagonny, Moeder Courage, en Driestuiversopera, is zijn hele leven lang ook een gretig lezer geweest van misdaadromans.

Onlangs verscheen een catalogus van de 4218 boeken die Brecht naliet toen hij in 1956 in Berlijn overleed. In de onderdelen Amerikaanse literatuur en 'Kriminalliteratur' vinden we een groot aantal boeken dat Brecht bezat en las in uitgaven van Amerikaanse paperback-uitgevers. Hij had daarbij, zo laat het zich aanzien, een voorkeur voor de zogenaamde hardgekookte misdaadroman.

Hieronder laat ik afbeeldingen zien van zulke boeken zoals ze bij Brecht in de kast stonden, maar alleen als de uitgave ook voorkomt in mijn eigen verzameling van Amerikaanse paperbacks. Boeken dus, die Brecht en ik samen dubbel hebben. Wat u ziet, heeft ook Brecht ooit gezien en in zijn lezershand gehouden. De begeleidende tekst verscheen oorspronkelijk in de boekenbijlage Cicero van de Volkskrant (24 augustus 2007)

 

Die Bibliothek Bertolt Brechts – Ein kommentiertes Verzeichnis

Erdmut Wizisla e.a. - Suhrkamp Verlag - 593 pagina's; 51 euro

ISBN 978 3 518 40976 3

 

Gaten in de boekenkast van Bertolt Brecht

Nummer 2224 in Die Bibliothek Bertolt Brechts is een uitgave uit 1800 van de Oden van Horatius, misschien wel de meest gekoesterde verzen door bibliofielen aller tijden. Tijdens de beschrijving van de 4218 door Brecht nagelaten boeken, trof de titelbeschrijver in dit exemplaar een briefje aan met daarop behalve een aantal geldbedragen ook de woorden ‘telefoon betalen!’ De eerbiedwaardige ouderdom van het boek heeft bovendien niet kunnen verhinderen dat Brecht verzen onderstreept heeft en kanttekeningen plaatste. Met een rode balpen.

De bibliotheek van Bertolt Brecht was een werkbibliotheek. Boeken waren zijn grondstof: om kennis te vergaren, ideeën te ontwikkelen, en keuzes te maken ten behoeve van zijn eigen werk. En waar het de rubrieken Marxisme en Filosofie betreft – twee zwaartepunten van de verzameling – geldt dat zeker ook voor de politieke keuzes in zijn leven. Op zichzelf is dat een vrij algemene functie van het boek, maar Brecht ging buitengewoon ver in dit beginsel van nuttigheid, en hij lijkt er als auteur ook van afhankelijk te zijn geweest. ‘Voor Brecht was boeken lezen belangrijker dan boeken hebben’, schrijft Erdmut Wizisla in het voorwoord, en ‘schrijven belangrijker dan lezen’. Boeken die er door Brecht van verdacht werden enig nut te kunnen hebben, gaf hij vaak aan vrienden of medewerkers met het verzoek ze in zijn plaats te lezen en verslag uit te brengen. Wat mogelijk verklaart waarom zoveel exemplaren uit Brechts bibliotheek onderstrepingen bevatten ‘in een onbekende hand’. Werk dat hij zelf las, en waarvan hij zeer onder de indruk was, gaf hij graag ter lezing door aan anderen. En die anderen brachten die boeken uiteraard niet terug. Net zo min als Brecht de van hen geleende exemplaren teruggaf; zijn boekenkast is rijk aan ‘ongeretourneerd’.

Zo ontstaat de ‘Bertolt Brecht Bibliotheek-paradox’: de boeken die hij de beste vond, zijn bekend uit brieven en aantekeningen, maar ze bevinden zich niet meer in zijn boekerij. Soms duiken ze onverwachts op, zoals Brechts exemplaar van Kafka’s Het Proces op een veiling in Wenen, met een handgeschreven eigendomskenmerk: ‘bert brecht’. Juist in de kennis van die leemtes getuigt de catalogus van het eigenzinnige karakter van de bibliothecaris. Opmerkelijk is daarin de hoge mate van onthechting. Brecht had bij zijn dood in 1956 slechts 118 uitgaven van zijn eigen werk op de plank staan, wat zeer weinig is voor een auteur wiens werk in tientallen talen vertaald is. (De Nederlandse uitgave Driestuiversroman uit 1939 bevindt zich nog wel in de bibliotheek, maar het lijkt een tweedehandsje te zijn, want het exemplaar heeft ooit behoord aan ‘Hein Kohn, Hilversum’). Wie in de afdeling ‘Muziek’ naar de componisten Hanns Eisler of Kurt Weill zoekt, vindt daar slechts 25 gedrukte (muziek)werken. Wizisla geeft de leegte nog meer inhoud: ‘Opvallend zijn de "gaten" bij auteurs met wie Brecht intensief in contact stond, zoals Feuchtwanger of Benjamin, van wie geen enkel exemplaar met opdracht is overgeleverd, Zweig, Döblin, Brentano…’

Ik vond in de bibliotheek – die bewaard wordt in Brechts sterfhuis, Chausseestrasse 125, Berlijn – slechts drie titels van Nederlandse auteurs. Bredero’s Spaansche Brabander, Luceberts Apocrief, en de bloemlezing Lyrical Holland, waarin Brecht met blauwe balpen het begin maakte van een vertaling van P.N. van Eycks De tuinman en de dood. In Apocrief schreef hij een vrij lange aanzet tot een gedicht, en de binnenzijde van het omslag gebruikte hij als dagboek: ‘ik heb een groene kan gekocht/ de Shakespeare-uitgave van Dr. Johnson/ en voor Weigel (Hélène, zijn echtgenote; ES) een sieraad uit Sumatra.’

Wizisla schat dat van het behouden Brecht-boekenhuis minder dan tien procent ook al op de planken stond toen Brecht in 1933 (het jaar van de boekverbrandingen) uit nazi-Duitsland moest vluchten, en hij zijn boeken meesleepte in zijn exil. Naar Frankrijk, Denemarken, Zweden, Finland, via Moskou naar de Verenigde Staten, en ten slotte weer naar Berlijn. Op die lange weg is veel verloren gegaan. In 1934 bericht hij in een brief aan de Amsterdamse uitgever Gerard de Lange hoe kisten vol boeken en werkmateriaal in Berlijn zijn verdwenen. Dochter Barbara heeft zich ooit beklaagd dat boeken en manuscripten bij het inpakken van de koffers voorrang hadden op haar poppen. Wizisla zet daar een citaat uit een van Brechts toneelstukken, Galileo Galilei, naast, daar waar Galileo’s dochter Virginia tegen háar vader zegt: ‘Zonder je boeken zou jij niet kunnen leven.’


 

  Omslag: Stanley Zuckerberg
Omslag: Stanley Meltzoff Omslag: T.V.
Edgar Box = Gore Vidal  
Omslag: James Avati Omslag:  Stanley Zuckerberg
  Omslag:  James Avati
Omslag: James Avati Omslag: Barye
  Omslag: Zuckerberg