INHOUD DODENAKKER
TERUG NAAR BIOGRAFIE VAN DUINKERKEN
HOME

BRABANTS

AUTEURS
TEKSTEN
INTERVIEWS
SPECIAAL

DDe teksten op deze pagina's zijn voor het overgrote deel ontleend aan 'Waar Ligt Poot? - Over de dood en de laatste rustplaats van Nederlandse en Vlaamse schrijvers', van Hans Heesen, Herry Jansen, en Ed Schilders; uitgeverij De Prom, Baarn, 1997.



Anton ('Toon') van Duinkerken (Willem Jan Marc Anton Asselbergs, geboren vrijdag 2 januari 1903 in Bergen op Zoom) stierf op zaterdag 27 juli 1968 in het Nijmeegse Sint- Radboudziekenhuis aan kanker. Theo Kroon: 'Vlak vr Kerstmis 1967 werd Van Duinkerken ziek [...] Van Duinkerken wist, dat hij onherstelbaar ziek was en kanker had. "Heel lang zal het niet duren. Mijn vader heeft het ook gehad. Het is onherroepelijk. Ik kom hier ['t ziekenhuis] niet meer uit, tenzij om naar Jonkerbos te worden gedragen," aldus Van Duinkerken enige maanden vr zijn dood.' Begin 1968 werd hij in het Sint-Radboudziekenhuis opgenomen. 'Hij onderging een ernstige operatie. Hij wist het en zei tegen de chauffeur van de taxi schertsenderwijs: "Amice, na rijp beraad heb ik besloten dit jaar geen deel te nemen aan de Olympische Spelen." Van Duinkerken sloeg er zich goed doorheen en mocht het ziekenhuis na enige tijd verlaten.' Maar toen in de maanden daarop zijn toestand zienderogen achteruit ging, werd hij weer opgenomen. 'Hij leed vreselijke pijnen maar wilde onder geen beding verdovende middelen. "Ik wil de Here God bij mijn volle bewustzijn tegemoet treden," zei hij [...] De laatste dagen echter werden hem de pijnen te machtig [...] Zijn achterhoofd was helemaal gezwollen en hij had een gespikkeld glas voor z'n ene blinde oog. De kanker had hem aangetast [...] Donderdag 31 mei werd Van Duinkerken door professor Grossouw bediend.' Op 27 juli om vier uur 's middags overleed hij. Zijn uitvaart, op 31 juli, had hij tot in de kleinste details geregeld. C.J. Kelk woonde de rouwplechtigheid in de aula van de Nijmeegse Universiteit bij: 'Toevallig ontmoette ik daar zijn biechtvader en uit zijn woorden maakte ik op, dat Toon als een gelovig katholiek is overleden, want hij had op dat uiterste uur gezegd: "Ik weet waar ik heenga."' Van Duinkerken werd op 31 juli begraven naast zijn een jaar eerder overleden zoon Gustave op de rk Begraafplaats Jonkerbosch aan de Winkelsteegseweg in Nijmegen (vak 8).
Jan Naaijkens ontmoette Gerard Walschap op de begrafenis, en Walschap vertelde hem hoe Van Duinkerken enige tijd voor zijn dood een vriend bezocht, de deken (bovenpastoor) van het Belgische plaatsje Herk-de-Stad, die op 84-jarige leeftijd zijn einde voelt naderen en graag afscheid wil nemen van Van Duinkerken. Walschap: 'Van Duinkerken doet dat, hij stapt daar uit, en de deken, niet wetend dat zijn vriend al lang ziek is, verbaast er zich over dat hij zo mager is. Van Duinkerken zegt slechts: "Het is niks, meneer de deken, ik heb de kanker." En de deken zegt: "Laat ons dan nog samen een goed glas wijn drinken." En met zijn tween hebben ze die nacht vier flessen zeer oude bourgogne leeggedronken.'
Uit Van Duinkerkens gedicht 'Klein lied van den dood':

Weet, dat het lied niet wordt gedoofd
Voor ogen die het Licht beminnen
En voelt aan 't Sterfbed eerst beginnen
Wat hij gelooft.