De mummie vanThorn

 


Van de oorspronkelijke abdij van Thorn, gesticht in 975, rest niet veel meer. In 1797 reeds hield deze abdij op te bestaan. De abdijkerk werd in gebruik genomen  als parochiekerk. Onder auspiciŽn van P.J.H. Cuypers werd de kerk in de 19e eeuw flink verbouwd.


Interieur van de Sint-MichaŽlkerk

Rechts van het altaar kunt u de trap naar beneden nemen om de crypte te bekijken. In deze crypte zijn een aantal oude grafnissen te zien.  


Een afdekplaat van een grafnis.

 
Twee grafnissen.

In een van  deze nissen trof men in het begin van de twintigste eeuw een op natuurlijke wijze gemummificeerde man aan. Jarenlang was men in de veronderstelling dat het hier moest gaan om de stoffelijke resten van de kanunnik Quanjel, ook wel Kwanjel genaamd. Hij was gestorven in 1780. Men hees de mummie in 19e eeuwse priesterkledij om op deze wijze geen aanstoot te laten geven aan de naakte verschijning van de mummie.
In 2007 heeft het AMC te Amsterdam de mummie uitvoerig onderzocht. Onder veel belangstelling is de mummie o.a in een Scanner bekeken. Het bleek dat het niet de bewuste Quanjel kon zijn. De man moest zijn overleden in het begin van de 17e eeuw. uit het onderzoek bleek dat het een voor die tijd oude man betrof van tussen de 65 en 75 jaar oud. Hij rookte pijp en was flink van postuur. Het moet iemand geweest zijn uit de betere kringen want lichamelijk had hij niet veel geleden. de mummie is nu te zien in een geacclimatiseerde glazen kist. Hij ligt ter zijde van de botresten van een andere overledene.


Links de mummie, rechts de botresten.
 
De handen van de mummie




Botresten naast de mummie.



In dezelfde kerk is een relikwiekast te vinden met een arm van de heilige Benedictus. ook deze arm is onderzocht door het AMC. Het bleek te gaan om de resten van een persoon die omstreeks het jaar 1000 overleden is. Zeshonderd jaar na het overlijden van de Heilige Benedictus.
Het schijnt dat Benedictus in zijn geheel begraven is in de Franse abdij van Fleury in Saint BenoÓt-sur-Loire. Hoedt u voor relikwieŽn!

(tekst en foto's: Han van Meegeren)