Dierenliedjes - opgetekend door Ben Hartman

Hond (6 liedteksten - 4 muzieknotaties) - lino: Rolf Janssen

De zeven hundjes

 

1) 地 Vrouw met zeven hundjes, hundjes

創 Vrouw met zeven hundjes.

 

2) Een van die hundjes was ziek geworden, ziek geworden

Een van die hundjes was ziek geworden.

 

3) De vrouw ging naar de dokter toe, dokter toe

De vrouw ging naar de dokter toe.

 

4) En geef me eens een fleske vur m地 hundje, hundje

En geef me eens een fleske vur m'n hundje.

 

5) En de vrouw ging naar de naaister toe, naaister toe

En de vrouw ging naar de naaister toe.

 

6) En de vrouw ging naar de kistenmaker toe, kistenmaker toe

En de vrouw ging naar de kistenmaker toe.

 

7) Die makte z地 kistje vur m地 hundje, hundje

Die makte z地 kistje vur m地 hundje.

 

8) En de vrouw ging naar de graftemaker toe, graftemaker toe

En de vrouw ging naar de graftemaker toe.

 

9) Die makte een graf vur m地 hundje, hundje

Die makte een graf vur m地 hundje.

 

 

Dit kinderliedje werd gezongen door Toon en Regine Gevers uit Loosbroek in 1982.

We hebben dit lied nog gevonden in het liedboek 'Wij zijn rijk', door Mieke van Helden, jaartal van uitgave onbekend.

Daarin staan allemaal liedjes die zijn genoteerd in Oost-Brabant.

De melodie bij Mieke van Helden is anders dan die uit Loosbroek, de woorden zijn hetzelfde.

 


 

Kleine Piet

 

1) Kleine Piet ging wand'len

Met z'n pa in 't veld

Wat hij zag en niet zag

Alles moest verteld

Trala, trala, tralala, alles moest verteld.

 

2) Pa,daar zag ik ginder

Luister toch eens toe

Ik zag een hond waarempel

Groter dan een koe

Trala, trala, tralala, groter dan een koe.

 

3) Wel komaan wat zeg je

Een die groter was

Dan een koe, m'n jongen

Da's een beetje kras

Trala, trala, tralala, da's een beetje kras.

 

4) Zie je ginds die brug wel?

Voor je neus daar Piet

Nu die brug moet je over

Of je wilt of niet

Trala, trala, tralala, of je wilt of niet.

 

5) Zo je nu gejokt hebt

Stort de brug ineen

En je valt in 't water

Plof gelijk een steen

Trala, trala, tralala, plof gelijk een steen.

 

6) Piet de brug genaderd

Voelt zich o, zo moe

Pa, ik zei die hond was

Groter dan een koe

Trala, trala, tralala, groter dan een koe.

 

7) Ik heb niet juist gekeken

Ik zag hem zo maar half

Maar die hond was heus toch

Groter dan een kalf

Trala, trala, tralala, groter dan een kalf.

 

8) En toen zich het ventje

Bij de brug bevond

Riep hij, papa die hond was

Net een andere hond

Trala, trala,tralala, net een andere hond.

 

Veel mensen kenden dit lied nog van vroeger.

We tekenden het o.a. op in Schijndel (Mevrouw Gordijn-Kluytmans ), in Goirle en in Udenhout (Mevrouw Schelle-Habraken die het voor ons zong in 1978.

Ook in Vlaanderen is het lied bekend(geweest) .Het staat vermeld in 'Limburgse Liederen' van Lambrechts en heet daar: 'Pas op voor de brug'.

De Vlaamse melodie is anders.

Verder vonden we het lied nog in 'De Vlaamse Zanger' deel 1, pag.62 en in 'Zing mee' van Laura Hiel, pag.199.

 


 

Fik, je hebt een been gestolen

 

 

1) Fik, je hebt een been gestolen

地 Been met vlees eraan, (2x)

Dat is meer dan lelijk Fikje

Dat is slecht gedaan.

 

2) Poes, je hebt op 稚 dak gezeten

En een muis gedood, (2x)

Weet je 稚 niet, je bent een echte

Deugniet in 稚 groot.

 

3) Zo sprak eens ons dapper Jantje

Hond en poesje aan, (2x)

Maar hij zelf was in de boomgaard

Aan de snoep gegaan.

 

4) Konden Fik en poes nu praten

Het antwoord was ook dan, (2x)

Wie een ander zwart maakt

Is vaak zelf niet wit, hoor Jan.

 

 

Verteld door mevrouw Goossens蓬endriks uit Schijndel in 1983.

Is waarschijnlijk uit het Duits vertaald. Het Duitse liedje gaat over een vos.


 

Fikkie

 

1) Fikkie, luister even

Straks bij tante Door

Niet met vuile pootjes

Binnenkomen hoor!

 

2) En geen lekkers vragen

Dat is niet beleefd

Wachten moet je netjes

Tot ze je wat geeft.

 

3) Ook niet snuff'len hoor je

netjes bij de haard

blijven liggen Fikkie

kalm zijn en bedaard.

 

4) Heb je 't goed begrepen

Heb je 't goed verstaan

Ja, dan mag ons Fikkie

Mee naar tante gaan.

 

Uit het repertoire van tante Marie Erkelens uit Schijndel. Gestorven in 1980.


 

Arme doesje

 

1) Arme Does wat ben je treurig

Waarom heb je zo地 verdriet,

Waarom zit je zo te kniezen

Heb je dan je vriendje niet?

 

2) Ga hem dan maar spoedig zoeken

Al dat kniezen geeft geen zier,

Wil je bij je vriendje wezen

Blijf dan niet zo zitten hier.

 

3) Doesje gaat de kamer binnen

Bij zijn vriendjes ledikant,

En om hem niet te verschrikken

Likt hij zachtjes aan zijn hand.

 

4) Kijk daar wordt ons . wakker

En wat denk je dat hij zei,

Dat is aardig van jou, Doesje

Dat je nog eens denkt aan mij!

 

 

Mevr. Peters-van Herpen uit Schijndel kon zich dit kinderversje nog herinneren.

Ze zegde het op in 1982.


 

De vuile,vieze hond

 

1) Toen Marietje laatst uit school kwam

Huppelend van dartelheid,

Zaten Pa en Ma te wachten

Op hun lieve, kleine meid.

En terwijl zij vrolijk speelde

Kwam zo'n grote, vreemde hond,

Die zij met haar handje streelde

Vrienden waren zij terstond.

 

2) En terwijl zij weer naar huis ging

Liep de hond vanzelvers mee,

Vader joeg hem gauw de deur uit

Toen hij op de vloer wat dee.

Door het schrein van Marietje

Mocht hij weer in huis terstond,

En terwijl de Vader gromde:

Wat heb ik aan zo'n vieze hond.

 

3) Klein Marietje was verdrietig

Als Paatje op haar hondje schold,

Maar de hond die kwispelstaartte

Deed alsof hem zulks niet gold.

Als andere kinderen zich verblijdden

En zij zich zo alleen bevond,

Wie was haar trouwe begeleider?

Die nare, vreemde, vieze hond.

 

4) Op een der koudste winterdagen

Werd de lieve kleine schat,

Bewusteloos naar huis gedragen

Geheel haar kleertjes waren nat.

Wie moeten wij die redding danken

Vroeg het ouderpaar terstond,

Zwijgend wezen toen de mensen

Op die natte, vieze hond.

 

5) Marietje kon niet meer genezen

Vaders lieveling ging dood,

Spoorloos was de hond verdwenen

Toen Marietjes leven vlood.

Toen zondags Pa en Ma gingen kijken

Naar het dierbaar plekje grond,

Waar Marietje lag begraven

Lag ook die vreemde, vieze hond.

 

 

Deze 'tranentrekker' werd ons voorgezongen door Mevrouw Geerts-Sanders in Schijndel,in december van het jaar 1984.

Ik trof een uitgebreidere tekst van ditzelfde lied aan in het liedjesschrift van Mevrouw van Mensfoort-van Eindhoven uit Veghel. Zij kende de melodie echter niet meer.

Bovenstaande versie van de ' vuile, vieze hond ' bestaat dus uit een tekst die we in Veghel aantroffen en een melodie die we optekenden in Schijndel !