INHOUD WTT
HOME

Het Woordenboek van de Tilburgse Taal wordt mede mogelijk gemaakt door

Het Tilburgs Alfabet (Van aajkes tt zaandkl) werd geschreven door Jace van de Ven.

Klik hier voor de letters die niet tot de officile spelling behoren:

C

Q

X

Y

A

B

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Wil Sterenborg

Van jaacht tot juuwel


jaacht

zelfstandig naamwoord

jacht

Kernkamp, Dialectenquete 1879: we zn op de jaacht gewist - wij zijn op jacht geweest

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JACHT (in 't N. jaacht) zelfstandig naamwoord, vrouwelijk. - gejaagdheid, onrust; Fr. agitation; tocht, trek, trekkende wind; bende straatkinderen.

 

jaanke, janke

Ill.: Tijs Dorenbosch

werkwoord (zwak)

janken, huilen

-- jaanke - jaankte - gejaankt

-- vocaalkrimping?

R.J. 'gin jaanken helpt'

Interview met de heer De Kok (1978) Toen zk meej de klne in de waoge daor wiste kke. Ik zeg teege de vrouw: Ik goj em mar gaaw in et kenaol want hij blft janke! KLIK HIER om de audiobestanden van dit interview te beluisteren

Dirk Boutkan (1996) - (blz. 27) in 2e pers. en 3e pers. enk. presens wordt in het cluster nkt de k verzwegen - ja(a)ngt

Lodewijk van den Bredevoort Op enen avend koom ik ts van de Sociale School, zit Lia bij ons. Ik kk der aon en meten begient ze te janke. (Kosset 2, 2007)
Lodewijk van den Bredevoort In de kerk zaag ik d de brd zaat te janke, gong ze nie gre trouwe? Daor leek et wel op. (Kosset 2 - 2007)
Stadsnieuws -  Den oober goojde en tas kffie oover men nuuw kled: ik kos wl jaanke! (240509)
Bont -- jangke(n) zw.ww.intr. 'janken' - l) krijten, schreien, huilen; 2) tranen storten, wenen

WBD kwaadaardig roepen (v.e. paard)

WBD III.2.1:481 janken = janken (v.e. hond), ook: jammeren, joekeren, joekelen

WBD III.2.1:482 janken = huilen (v.e. hond)

WBD III.2.1:505 janken = janken (v.e. kat) ook: krollen of huilen

WBD III.2.1:504 janken = krollen (v.e. kat) ook: krijsen

WBD III.1.4:254 'janken' = luid schreien

WBD III.4.4:246 'janken' = knarsen

 

jaanker

zelfstandig naamwoord

WBD overgevoelig paard (dat gilt bij de minste aanraking), ook genoemd 'kwkkerd', of (Hasselt) 'jankerd'

 

Jan

eigennaam

Dirk Boutkan (1996) - (blz. 56) ik hb Janne ng gezien

 

Jan te Kort

Zegswijze

Van Delft - Als er Jan te Kort komt wonen, wordt het klooten met den bok." Dit is: Wanneer de inkomsten te gering worden, ontstaat er licht oneenigheid. (Nwe. Tilb. Courant; Van Vroeger Dagen afl. 109; 13 april 1929)

 

janbommegtje

zelfstandig naamwoord, verkleind

VN zaadje van een linde

 

jandome

bastaardvloek

Cees Robben dauwtrappen is vort van de baon....../ d hee jandoome afgedaon! (19540508)
Cees Robben jandoome.. d ks al nie schonder... (19570727)
Cees Robben Of t kan of nie jandoome.. (19650326)

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JANDEKKE(N), JANDOME(N), JANDOOIE(N), JANDORE(N), JANDOZE(N), JANDUIME(N) tw - soort van vloekachtige uitdrukkingen

Overzicht van alle bastaardvloeken

 

jandorie

bastaardvloek

Piet van Beers -- Der waare schaole vol meej vles/ n hete Kip Pandoorie./ De sambal en de ketjap mkten t/ nog rger het jandorie. (uit ome Jan; www.cubra)

Overzicht van alle bastaardvloeken

 

jannewaarie

zelfstandig naamwoord

januari

Henk van Rijen -- op zis janewaarie gn ze driekoninge-zinge

 

jan pap

spotnaam

MTW (textiel) kettinglijmer

 

Jan-stap-ntjes

spotnaam voor een man die zich overdreven sjiek gedraagt

Cees Robben - Des naa Jan-stap-netjes en Merieke van-hemke-raokt-m'n-gatje-nie... (19620302)

Cees Robben: uit de Prent van de week van 2 maart 1962: Jan en Merieke

WTT 2013 - Mogelijk is de spotnaam afkomstig uit Den Bosch. Reelick vermeldt in 'Bosch Woordenboek' (1993) het volgende: 'Jan-stap-netjes (...) een nette heer met overdreven manieren. Hij is 'nne Jan-stap-netjes. Dit was in Den Bosch een bekende figuur die woonde in een van de zijstraatjes van de Vughterstraat, (...) Jan was in de 'Oost' geweest en had daar 'n ziekte opgelopen. Daarom liep hij zo apart. Hij had twee onderscheidingen en leefde van zijn pensioentje.' Behalve bij Cees Robben is de spotnaam in Tilburg niet opgetekend, echter wel in een variant. ►Zie volgende. Dat Robben ook Jans vrouw (Merieke) een overeenkomstige bijnaam geeft, doe echter vermoeden dat deze typeringen van overdreven deftige mensen ook in Tilburg (1962) nog bekend waren. Karel de Beer noemt in zijn Tilburgs Bijnamenboek (2000) een 'Jan Stap Netjes' die tussen 1945 en 1955 leraar meubelmaken was aan 'de Ambachtschool' (in Tilburg).
 

janstapzuutjes

ook: jantrapzuutjes

spotnaam

Goedgetld - een 'zekere', een bekakt persoon: dieje jantrapzuutjes lopt nffe zen schoene van grotseghd - die bekakte kerel loopt naast zijn schoenen van verwaandheid. [Geen bronnen vermeld.]

Jan-stap-netjes

 

Foto: Regionaal Archief Tilburg

Jantje Marinus

eigennaam en naam van een caf-restaurant bij de Heikese kerk (Monumentstraat)

Interview Hermans - 1978 - Jantje Marinus n, hdie was te duur Et was gewoonlek amml bij ein de Bierhal op den Heuveltoen zn we gegaon nr Hrrevorts-Koole n bij Doris Jongen ngegaon waor naa de Pius X krk stao n Jantje Brekelmans n et ksterke meej zenen baord. (transcriptie Hans Hessels, 2013) ► KLIK HIER om het interview te beluisteren

Buuk = zeer dronken, totaal van de wereld, dood

- meej zene kreugel reej ie ene kinkenduut hartstikke jantje-marienus

Dorrus Misters - Nu lopen we eens rond de Heikense kerk. Op de linkerhoek van de Kerkstraat Fr. Hermus, dan Toontje Overes. Achter de kerk "het Tilburgs Koffiehuis", Jantje Marinus, vroeger d zaak van Tilburg. Daar kwam werkman, boer en heer. 's Zondags na de H. Mis van 9 uur zat het er vol, maar de meesten gebruikten een kop koffie en een beschuitje. (Nieuwe Tilburgse Courant - zaterdag 8 maart 1952
Uit onze Tilburgse folklore 14. Oude koffiehuizen in Tilburg 2)
Karel de Beer - et Strtje van Jantje Marienus of et
Marienusstrtje; tussen de Heikese kerk en et Bronsgiststrotje lag caf Jantje Marinus (het Tilburgsch Koffiehuis); bekende ontmoetingsplaats
voor mensen uit het bedrijfsleven en uit de culturele hoek (schrijvers, dichters). Afgeleide uitspraak: "hij is Jantje Marienus," wat wil zeggen ''hij leeft niet meer", of ook "'hij is straalbezopen." (Bijnamenboek, 2000)
 

Jan Pigge

eigennaam; eigenlijk de bijnaam van Jan Pigmans. Hij was de 'directeur-eigenaar' van een Tilburgs circus dan wel kermisattractie. In die hoedanigheid noemde hij zichzelf Lon Jean Pigmans. Een circus-act met een geit die weigerde te gehoorzamen aan de dresseur gaf in Tilburg aanleiding tot de uitdrukking 'De gt van Jan Pigge'.

Jan Pigge

Pierre van Beek -- Jan Pigge nu vertoonde in zijn circus ook een gedresseerde geit. Toen op zekere avond de geit tijdens de voorstelling echter hardnekkig weigerde, redde onze Jan zich uit de min of meer netelige situatie met de opmerking: "Na ver.... ze 't en giesteren deej ze 't z goed!" Dit excuus heeft waarschijnlijk een storm van hilariteit veroorzaakt. In elk geval is het zodanig ingeslagen, dat hierdoor de herinnering aan Jan Pigge en zijn geit nog tot op heden in onze stad volop levendig is. Wanneer thans iemand iets wil demonstreren, dat juist op het moment dat men zijn diensten verwacht, hardnekkig weigert, en hij durft zich dan het excuus "Gisteren ging 't nog zo goed!" te laten ontvallen, loopt hij in Tilburg veel risico ten antwoord te krijgen: "'t Lijkt wel de geit van Jan Pigge!" (Tilburgse taalplastiek 3 Nieuwe Tilburgse Courant - zaterdag 18 februari 1950)
De gt van Jan Pigge

Paul Spapens - In 1984 is in Tilburg het Circus Mullens opgericht door nazaten van een beroemd kermis- en circusgeslacht. Johannes Leonardus Pigmans (1845-1925) vereeuwigde zijn naam met Circus Pigge. Op twaalfjarige leeftijd leerde 'Jan Pigge' boerenpaarden kunstjes maken zoals hij dat in het circus had gezien. Tegen de zin van zijn vader kocht hij een paar paarden en begon een circusloopbaan. Directeur Jean Leon Pigge van het Cirque du Brabant zou tot in Brussel hebben opgetreden. In Tilburg zelf genoot hij vooral bekendheid onder de bijnaam Jan Pigge met zijn geit. Dat kwam zo: Jan had een geit die kunstjes deed op een grote ronde schaal. Maar op een keer in Hilvarenbeek ging het fout. De geit weigerde alle medewerking. Waarop Jan de legendarische woorden sprak: 'Ja, heren, boeren en buitenlui, gisteren deed ze het thuis nog zo goed. En hier in Beek verdomd ze het.' (Ach Lieve Tijd - Paul Spapens - # 10 - De boeiende historie van de Tilburgers en hun kermis en uitgaansleven; 1994)

De gt van Jan Pigge in Tilburgse uitdrukkingen

Pierre van beek - Ge beslcht wl de gt van Jan Pigge - je lijkt de geit van Jan pigge wel...

- De uitdrukking is een dooddoener dan wel afjacht als iemand zich excuseert voor iets dat mislukt, en wel met de verontschuldiging dat het mislukte tot op dat moment altijd lukte; zoalas de geit van Jan Pigge het 'gisteren' nog deed.

Vandaar:
De gt van Pigge; giestere dittie et nog.
Bronnen:

Brabantse Spreekwoorden - Mandos - de gt van Jan Pigge (vB TT'64) Hiermee werd een excuus over een mislukking afgewimpeld (Pigge = Pigmans, een bekende boer)
Pierre van Beek - Het kon moeilijk anders of de "geit van Jan Pigge" is ook op komen draven. Meerdere briefschrijvers attendeerden er op en het heeft de schijn, dat we hier te maken hebben met iemand wiens "gevleugeld woord" het in het Tilburgse leven van vandaag nog altijd doet. Nog herhaaldelijk kan men in Tilburg horen: "'t Lijkt wel de geit van Jan Pigge!" of in een variant: "J, j, ik heur 't, de geit van Jan Pigge!" In de plaats van Pigge wordt echter ook
wel Pigmans gezegd. Een briefschrijver meent, dat de uitdrukking ongeveer zestig jaar oud zal zijn en dat ze
teruggaat tot de tijd, dat het wereldvermaarde circus Barnum en Baily op den Besterd stond. De dressuurnummers schenen op de heer Pigmans zoveel indruk gemaakt te
hebben, dat hij zijn geit wat kunstjes trachtte te leren. Volgens anderen zou hij er nog meer gedresseerde dieren op na gehouden hebben. In ieder geval had hij een geit wier intelligentie hij op zekere dag publiekelijk demonstreerde in een soort circusvoorstelling. Een briefschrijver meldt, dat er zelfs van een echt circus sprake was, waarmee genoemde Tilburger niet alleen in Nederland maar zelfs in Belgi successen geoogst heeft. De Tilburgse gymnastiek- en specialiteitenvereniging "De Spartanen" is uit dit circus voortgekomen, 'n afstamming, die zij nooit heeft verloochend. Vandaar, dat zij in haar naam de merkwaardige toevoeging "specialiteitenvereniging" voert. Dit wijst er nog op, dat men hier met mr dan een gewone gymnastiekvereniging te doen heeft. Jan Pigge vertoonde dus op zekere avond zijn gedresseerde geit. Het dier weigerde echter hardnekkig zijn kunsten uit te voeren en toen redde zich Jan uit de min of meer netelige situatie met de kernachtige opmerking: "Na ver.... ze het en giesteren deej ze 't zo goed!" Dit excuus heeft waarschijnlijk een storm van hilariteit veroorzaakt. In elk geval is het zodanig ingeslagen, dat hierdoor de herinnering aan Jan Pigge en zijn geit tot nu toe is
levend gebleven. Wanneer thans iemand iets wil demonstreren, dat juist op het moment, dat men zijn
diensten verwacht, hardnekkig weigert en hij durft zich het excuus "gisteren ging 't nog zo goed" te laten ontvallen, loopt hij in Tilburg groot risico ten antwoord te krijgen: "'t Lijkt wel de geit van Jan Pigge!"

Lechim - Mee al d vee krg Drik gin kaans/ Lui in de zon te ligge/ Hij laachde: "'k Doe vekaansiewrk,/ Vur 't sirkus van Jan Pigge." (Ongedateerd knipsel uit de Tilburgse Koerier; ca, 1975)

Jan Horsten - Ze had haar moeder uitgenodigd met haar mee te gaan naar het circus van Jan Pigge. Ergens bij een snoepgoedkraam wachtten ze moeder Luus op. Moeder Luus had nog nooit een circus van binnen gezien. De paardendressuur vond ze prachtig. En ze bewonderde
Jan Pigge om zijn mooi zwart pak en zijn zwarte hoogopgekrulde knevel. Hij was 'n boerenzoon uit de stad, wist ze, en hij was dus gewend met paarden om te gaan. Maar zoals Jan nou met de paarden omsprong,
ze op de achterste poten liet staan en door de piste liet galopperen, dat vond ze prachtig. Ook met de clowns had ze zich de tranen gelachen. (uit: Een stad ontwaakt, 1994)

Evert Pierson - Over Het Mosterdmenneke - De enige ontspanning voor Jan was een bezoek aan het circus van "Jan Pigge", een buurtgenoot. Hij mocht dan op de eerste rang zitten en genoot intens.(In: Actum Tilliburgis, jrg 13, 1982, nr. 3.)
 

Jan Pigge - afb: Ach Lieve Tijd

 

Feuilleton over Circus Pigmans

Jef Trompet - Een Brabantsch circus en Brabantsche kermissen vormen het decor. Het was maar een nederig circus doch ieder jaar, telkens als de meidoorn bloeide, vulde het geheel onze streek met blijde verwachting. Als de zon al hooger aan den hemel kwam en het tegen den zomer ging zei men: "Circus Pigmans komt" waarmede men bedoelde, dat de kermis in aantocht was. Van Den Boscn tot Brussel heeft Circus Pigmans de Brabantsche kermissen bezocht en overal in Brabant kende men den braven circusman "Jan Pigge" zoals men hem veelal noemde en die zoo geheel opging in zijn taak: goed te zijn voor menschen en dieren en vermaak te scheppen. In Belgi heeft Circus Pigmans eenigen tijd samengewerkt met de Fransche firma Marquini frres. De beide circusondernemingen beschikten toen over een zeer ruime tent met twee hooge masten. Dat was wat, als die omhoog moesten; "Hop-twee.. Hop-twee" Toch stonden zij in goed een kwartier en enkele uren later stond het geheele circus. Het ging als in een wedloop: Het ankeren van de masten met het in den grond hameren van de lange ijzeren pinnen, het bevestigen van de groote "chapiteau", het opzetten van de quadre-polmasten, het vast maken van de stormstangen, het ging alles in vliegende vaart, omdat alle bouwers van het circus acrobaten waren. (Nieuwsblad van het Zuiden 1 maart 1947)
 

Advertentie voor een feuilleton in het Nieuwsblad van het Zuiden. Jef Trompet is een pseudoniem van Willem van Mook. (1947)

 

Afbeelding bij een verhaal van Willem van Mook gebaseerd op Circus Pigge in NTC van 30 december 1933

 

Afbeelding bij een verhaal van Willem van Mook gebaseerd op Circus Pigge in NTC van 30 december 1933

 

Advertentie in Tilbusche ourant - 1890-09-21 - voor optredens Circus Pigmans op 't Goirke in 1890

 

Bericht uit de Tilburgsche Courant van 7 december 1890

 

jan zeuve

zelfstandig naamwoord

MTW betweter

 

jao

tussenwerpsel

Komde? Jao, ik koom.

Cees Robben:  ch jao ...; oo jao? jao meneer Lewie;

Cees Robben:  Vnde gij naa d ze schon zinge? om naa te zgge jao ... n.

Hees bjoa (II:67)

Bont j, bijw. 'j' - ja Z.a.

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JA (uitspr. 'jao') telwoord Toestemmend: ja/ jao; verwonderend, goedkeurend: ja (zuivere a) jao, j

 

jaoge

werkwoord (zwak)

jagen

Dirk Boutkan (1996) - jaoge - joeg - gejaogd / gejaoge

B jaoge - jaogde - gejaogd/gejaoge

Dirk Boutkan (1996) - verleden tijd: joeg

- in tegenwoordige tijd geen vocaalkrimping

R.J. ''n koei van de rils jaogen'

...hij is weggejaoge enkelde jaoren gelejen! (Jan Jaansen; ps. v. Piet Heerkens svd; Boere-Profeet; feuilleton in 5 afl. in de NTC 1-7-1939 29-7-1939)

Lechim - Ze kan nie ligge of nie staon/ Gin kleere mir verdraoge/ D'r bruur zit heur d'n gaansen dag/ Lekker op stang te jaoge. (uit: Zonnebraand)
Lodewijk van den Bredevoort Kosset (2) - 2007 - Diejen advecaot wit dondersgoed d diejen buurman van ons ginne pot heej om op te staon, mar ze perberen oe de wnd in de broek te jaoge.

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  liever meej aander hnde jaoge (Kn'50) - iemand mijden omdat hij te veel weet

WBD (III.2.1:506) jaoge of mze = muizen (door katten)

WBD III.1.4:379 'jagen' = gehaast zijn; ook 'jachten', 'jakkeren'

Bont st.ww.tr. + intr. jagen Z.a.

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JAGEN - sterk trekken, tochten, sprekende van eene schouw, kachel.

 

jaoger

zelfstandig naamwoord

jager

Bijnamenboek Karel de Beer - Kees de jaoger = Kees de Kokken (blz. 50)

 

jaona

zelfstandig naamwoord

en jaona = een stijve trut

 

jaop

zelfstandig naamwoord.

gebakken bokking

Ed Schilders in 'Tilburg Plus' 17-7-2008: Visboer op Broekhoven, rond 1930: 'Hier is Jp'. Men at dan 'gebakken jaap' oftewel 'jaop'.

 

jaor, jrke

zelfstandig naamwoord

jaar

R Ds t et jaor blk (toen de koeje ng Bart hiette) - oud/ afgezaagd

Cees Robben:  ik bn tien jaor aawer; taageteg jaor geleeje; jaor p jaor;

Cees Robben:  aawjaorsaovend; ik z dees jaor ffteg jaor stikkedoor;

gez. Henk van Rijen nie langer as en Antwerps jaor = drie maanden

Frans Verbunt --  oover honderd jaor hmme tch amml ne gtekp

Frans Verbunt --  int jaor blk toen de ksters ng gin kont han n deur der ribbe scheete

Bont jo:r zelfstandig naamwoord, onzijdig. 'joor' - jaar

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  ANTWERPSCH JAAR = zes weken

 

jaorgetij

zelfstandig naamwoord

jaargetijde; de herdenking van een sterfdag

Och, zo heej ieder jaorgetij / iets w ge wl wardeert/ agget mar vat zo asset komt/ n nie veul lammenteert (Lechim; ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Jaorgetij)

 

jaotoeteetoe

samentrekking

ja, tot thee aan toe

Cees Robben (19670217)

 

jaozeetie

zelfstandig naamwoord, mannelijk; eigennaam, samentrekking; meestal gebruikt om verwondering uit te drukken.

'Ja, zegt hij.'

2019 - WTT - Naam van een tentoonstellingsproject, voor het eerst in 2018 gerealiseerd tijdens de kermisweek. Een op een breed publiek gericht project waarbij opmerkelijke gebeurtenissen (waar of niet waar?) uit de Tilburgse geschiedenis in kijkkasten worden uitgebeeld. In 2019 stond de expositie in het teken van de Tilburgse kermis.

 

Een deel van de expositie in 2019.

 

Prentbriefkaart ter promotie van de 'Jaozeetie'; afbeeldingen:  facebook.com/dejaozeetie, 2019.

 

japunneke

zelfstandig naamwoord, verkleinwoord van 'japon', verkleind

Kernkamp, Dialectenquete 1879: japon, japunneke

 

jas zonder zakke

uitdrukking

vB doodshemd

vB 'houten jas'- doodskist

Cees Robben:  n Drikske kreg ene schone jas, mar ene znder zakke

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  den houtere jas nschiete - (Van Beek, Tilburgse Taalplastiek  '72) - sterven

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  zene jas vatte (Van Beek, Tilburgse Taalplastiek  '73) - ontslag nemen

 

jatte

werkwoord (zwak)

De Wijs -- W hij gejat hee is mr dan ie it gehad hee (27-12-1968)

 

j, jao

tussenwerpsel

ja

J j!

Cees Robben:  Ws ns Mietje tch plat war; j ze heej niks gin prisentaosie.

Cees Robben:  Ik z k wl is p vekaansie wille, mar j ...; mar j, ge ht ...;

Henk van Rijen j, d zik - ja, dat zei ik

Henk van Rijen j j, tis amml w - ja ja, het is allemaal wat;

Frans Verbunt --  j nt - ja, dat is zo

Dirk Boutkan (1996) - (blz. 20) j

Bont ja, bijw. 'j' - ja Z.a.

Jan Naaijkens - D's Biks - 1992 -- j - ja

 

jn

zelfstandig naamwoord, mannelijk

onzin [of: niet om te jennen ?]

Cees Robben Toch is t ginne jen (19710319)

 

jnt

tussenwerpsel

Frans Verbunt --  ja, dat is zo

 

jngelchteg

bijvoeglijk naamwoord

jengelachtig, zeurderig

De Wijs  -- 'n Aorig menneke, d Caske, mar n bietje jengelchtig (20-07-1962)

Cees Robben Hij is naa immel w jengelchtig... (19680628)

Cees Robben n aorig menneke d wel... mar w jengelchtig..! (19620810)

 

jnnisse

werkwoord (zwak)

kapot maken

[van 'janussen'?]

...die vlegel (...) die vurrig jaor mee 'n zat gezicht bij "Mieke Tee" hil 't glaswerk op 't buffet mee 'ne stoel tot gruzelementen gejennist hee. (Kubke Kladder; ps. v. Pierre van Beek; NTC; Uit t klokhuis van Brabant 4; 2-11-1929)

 

jppe

werkwoord (zwak)

brreltjes jppe

Buuk -- doordrinken, zuipen

Stadsnieuws -  Hij zaat stil in en huukske van den toog zen brreltjes te jppe n wier zo stiekem veul zat (040209)

Bosch jppe - drinken, zuipen

 

jske

zelfstandig naamwoord, verkleind

jasje

Kees en Bart --  hij trk zen jske t

Kernkamp, Dialectenquete 1879: jas - jske / jeske

verkleinwoord van 'jas', met umlaut

A.A. Weijnen; Onderzoek dialectgrenzen in Noord-Brabant (1937) - jske (met umlaut), krt.53

 

jchpak

zelfstandig naamwoord

juichpak; sportieve variant op het door Tilburger Roy Donders bedachte 'hspak'.

WTT 2014 -- De promotiestunt werd bedacht door supermarkt Jumbo, en was bedoeld om behalve de omzet ook het Nederlands elftal te ondersteunen tijdens het wereldkampioenschap in Brazili. De oranje pakken waren ruim voor aanvang van het toernooi uitverkocht. Ter compensatie bood de betrokken supermarkt 'jchptte' aan.

In reclame-uitingen gebruikte Jumbo de sportieve slogan 'We geven ze op hun Donders', en dat viel niet in de smaak bij precieze winkeliers in Barneveld. Daar werden de actie, de slogan, de pakken, en Roy Donders uit de schappen geweerd.

Daarover schreef de Tilburgse dialectdichteres Henritte Vunderink het volgende gedicht:

Donders(e) jch-pakke

Barnevld, beknd van de aajer n de kiepe,
waor gelvege zich strng in de Gds-leer verdiepe,
daor heej de Jumbo en blaawke gelope.
Ze moge gin Donders-jchpakke verkope,
want Donders is daor en duivelse naam.
Die klinkt vur de Barnevlders hel infaam.
Dus al de Roykes-pakken t de schappe
n daor op stnde voet meej kappe!

Ik heb daor es goed oover ngedcht.
Dieje naom in et woordeboek opgezcht.
n ze hbbe gelk, want ongewild
kwaam et woord zeer neegatief in bild.
Naa znder in Tilburg van kln toe bejaord
wel duuzende Donderse die hier zn geaord.
Mar ngezien et en Gdslasterlek woord is,
dus diejen aachternaom hel ongehoord is,
stl ik veur d wij, zonder taawehoere,
iederen die zo hiet, de stad t bonzjoere.
Amml ert, in ene keer.
Zonne naom is Gddoome ene vloek vur de Heer!

n Pirke, ok gij zt niemer in tl.
Nie meej oewe staasie, nie meej oew kepl.
Daor zde meschient wel oover verwonderd,
Mar we willen oe niemer, dus opgedonderd!
Zo krgt onze stad wir en beetere sfeer.
De duuvel verdweene n eer n de Heer. (juni 2014)

De populariteit van Roy Donders in Nederland gaf ook aanleiding tot een grap van Mick Jagger bij het voorstellen van de Rolling Stones tijdens  het concert in Landgraaf / Pinkpop 2014. Op deze afbeelding het moment waarop Jagger aan Wood vraagt wie zijn kapper is: Roy Donders?

 

jk

zelfstandig naamwoord

jeuk

gez. vB Waor gin jk is, daor krabde nie (Tilburgse Taaklplastiek 184) - geen gevolg zonder oorzaak

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  de jk is rger as de pnt ('87) - gezegd door een vrouw (weduwe) die graag wil (her)trouwen.

Frans Verbunt --  ik wns oe veul jk n korte rmkes

Frans Verbunt --  waor ge gin jk ht daor krabde nie

Bijnamenboek Karel de Beer - Jan Jk = J.H. Dikkers (blz. 35)

Interview Jolen - 1978 - D bedoel ik, ds Jan Jk! Hoe hiete die nouw meej zene naom,JanHattie aaltij jk? D weet ik nie mar hij ha ne naom, hij ha ne naom!. (transcriptie Hans Hessels, 2013) ► KLIK HIER om naar de pagina met de audiobestanden van dit interview te gaan

gezegde

D jukt nie

Dat maakt niets uit, het is om het even, maakt niet uit

- Daor hedde bevoorbeeld hulliejen oorne Fons. Vruuger kwaamp ie langs de deur mee innen kreugel, kneukels, krabbe..., 't jukt nie! Uit:  Mos... mos... mosselen Schets uit het Tilburgsche leven door KRATS, Nieuwe Tilburgsche Courant 28 mei 1926.

 

jke

werkwoord, zwak

jeuken

Jk et? Jao, et jukt. - Jeukt het? Ja het jeukt.

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  daor jket em nie (Daamen, Handschrift 1916:) daar zit het hem niet

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  der stao geschreeven n gedrukt dgge moet krabbe waor et jukt

- jke - jukte - gejukt (met vocaalkrimping)

- Ook in tegenwoordige tijd vocaalkrimping: et jukt.

 

jkerd

zelfstandig naamwoord

scheldwoord voor oude kerel

Henk van Rijen nen aawe jkerd - een oude kerel

WBD III.1.1:3 'jeukerd' = man

 

jn, jntje

zelfstandig naamwoord

juin, juintje

Dirk Boutkan (1996) - (blz.55) homonieme enk. - en mv. vorm: jn-jn

Detail van een schilderij van Bertha Bache

1. het gewas: ui, ajuin

onderaards bolvormig stengeldeel

ajuin met apocope: juin = 'jn'

Kernkamp, Dialectenquete 1879 -- uie - uien
Lambert de Wijs -- Om een karper te stoven op de Hoogduitsche manier. Neemt een karper wel schoon ghemaekt en dat bloedt wel bewaert, gespouwen en aen stucken gesneden, doet dan 't bloet in een pot rinse wijn, een weinigh azijn en water, ronde schijven van ajuin, smijt se op de boter, doet daerbij de karper, met nagelen, foelie, notemuskaet, saffraen en een goet stuck boter, laet et samen stoven. 
(Nieuwe Tilburgsche Courant - zaterdag 30 juli 1927 De dagelijksche behoeften omstreeks 1650)

Cees Robben Dn zaoligen smaok van dn juin en t vet (19570921)

Cees Robben En vandaog wil ik slaoi mee juin meejaai meejrepel... (19810902)

Lechim -- "Nou kroote fietse der wl in/ liefst meej gebakke jn,/ mar die maag mar hel fkes op/ aanders wort ie te brn..." (ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Vur et vurdel)

Lechim -- ...en kroote meej gebakke jn... (ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: DE GROTSTE VRAOG)

Elie van Schilt -- Vandaag 13 Mei 2001, stralend weer, en ut is moederdag. Ik docht Maria is tenslotte ok meder, dus ik heb ut kapelleke mar wir bezocht, ok de zuurbollenkraom en de visboer, maar of ut nou dur munne bril kwaam of dur iets aanders, als ik naor de prijzen keek, ut was net juin, dan schoten de traonen in men ogen.
(CuBra)

Lodewijk van den Bredevoort Dieje gruunteboer ging k zenne jn en rpel tventen. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Piet van Beers De stinpst: Vier ons vrse worst n peeje../  doet er mar w jne bij./ 'n Bkske zult 'n half pond kaoje/ n tweej schve balkenbrei. (Spoeje doemmeniemer; 2009)

Piet van Beers Men Buukskes: Men irste buukske ging oover peeje n jun n oover de meense op de tn. (Het zeventiende boekje, 2010)

Piet van Beers Wie tuinbonen wil eten moet Februari niet vergeten: Die maokt ze [de tuinbonen] klaor mee champignons/ en paprika en juin./ Alleen de dobbelsteentjes spek/ die zen nie van de tuin. (With Love; 1982-1987)

- Soms han ze jun me peestamp Uit: B de wvers n tffel, Ad van den Boom, circa 2005

Tony Ansems -- As ie lopt, dan stao zijn pet wet schuin/ Assie it dan it ie spek meej juin... (As unnen boer op t laand lopt;  van de cd Gatvermiedenhoet; 2010)

Jan Naaijkens -- Er waren huismiddeltjes bij de vleet: het vlies van een ei of een spinnenweb op een wondje; een grauw papiertje met kaarsvet op de borst tegen verkoudheid; met de voeten in een emmer met verse paardenmoppen tegen wintertenen; een juin onder het kinderbed tegen de stuipen; het sap van de stinkende gouwe tegen wratten. (Het dorp van onze jeugd Hilvarenbeek 1999)

WBD III.4.3:210: jn - bloembol; ook genoemd: ajn, knl, (bloem)bl

WBD III.2.5:105 'juin' - ui; 'juintje' = sjalot

A. Weijnen, Etymologisch dialectwoordenboek (1995) - juin - ui (div. dial.) Door procope uit 'ajuin'

S.G. ajuin, blz. 82, 185, 186, 222, 225, 276, 284/286, 297, 299 (aant. Witters)

Bont j.n, zelfstandig naamwoord, mannelijk. 'juin' - ajuin

A.A. Weijnen; Onderzoek dialectgrenzen in Noord-Brabant (1937) - 'juin' (blz.184)

Cees Robben - Prent van de week 16-04-1982

 

2. een zot persoon

Cees Robben t Is aatij al unne juin.. Mar meej karneval is ie hillemol hodeldebodel... (19770114)

De Wijs -- (gehoord over 2 niet zo snuggeren die bij elkaar stonden: ) Nao motte d daor zien staon, den eenen juin b dn aandere (23-02-1972)

vB z zt as tien kp jn (Tilburgse Taaklplastiek 176)

Stadsnieuws -  Ds me tch ene jn: ge laagt oewge kept assie et op zen heupe heej - Dat is me toch een grappenmaker: je lacht je een ongeluk als hij op dreef is. (230610)

WBD III.3.1:250 'juin' = grap

Goem. AJUIN, zelfstandig naamwoord, mannelijk. -.... ook Snul: 't is nen - .

Jan Naaijkens - D's Biks - 1992 -- 'jin' zelfstandig naamwoord - ui

Uienventer - 16e eeuw

Te Winkel - De grammatische figuren: Niet in de schrijftaal doorgedrongen (...) is de vorm juin voor ajuin, welks a uit o ontstaan is, blijkens den door Kiliaen opgeteekenden vorm oiuyn, in 't mnl. o.a. oniuyn, uit het Fransche oignon, dat zelf het Lat. woord unio (als volksbenaming naast het gewone caepa in gebruik) doet voortleven.

De verkoper van uien; schilderij van Willem van Mieris

Download artikel uit Taal en Tongval over de ui

Ui in een Frans ABC-boek: Oignon

Afbeelding bij een embleem van Jacob Cats

 

Willem-Joseph Laquy (ca. 1765) - ui

Naar het begin van de pagina

Inhoud Woordenboek Tilburgse Taal
CuBra Home

jne

werkwoord (zwak)

stinken, scheten laten

jne - jnde - gejnd (met vocaalkrimping)

ook in tegenwoordige tijd vocaalkrimping: gij/hij jnt

Wie zit er z te jne? - Wie zit er zo te stinken!

Naarus -- Diejen naom [Buissem] heet ie omdat ie bij tijjen zo onmeenseluk kan juine detter nie bij om uit te haawen is. (ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra)

WBD III.1.1. lemma Een wind laten Tilburg [als enige plaats van opgave]

Stadsnieuws -  Der htter veur mn in de krk ene zitte jne: et waar nog reger (as wierok -(100208)

Bont j.ne(n) zw.ww.tr. + intr. 'juinen', 'jeunen' - 1)zuipen; 2(coire

Jan Naaijkens - D's Biks - 1992 -- 'jine' - stinken

 

jneg

bijvoeglijk naamwoord, bijwoord

grappig, lollig

 

jneschlle

zelfstandig naamwoord, meervoud

de schil van een ui

...van rauwe jneschlle. (Lechim; ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Aander matteriaol)
 

jnsaus

zelfstandig naamwoord

saus van boter en ajuin; zeer goedkope saus

Gebakken rpel kwaam k wel ens veur [op vrijdag], asse pas nuuw waren of soms alln mar rpel meej jnsaus... (Lodewijk van den Bredevoort ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Un aai meej botersaus, of allen rpel meej jnsaus. (Lodewijk van den Bredevoort ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 2, Tilburg 2007)
 

jnstamp

zelfstandig naamwoord

stamppot van uien

Cees Robben (19611221)

 

jiepe

werkwoord (zwak)

spatten, spetteren

't jiept er zot mee spetjes waoter (Piet Heerkens; uit: Dn rgel, Stilleeve, 1938)

Henk van Rijen lig niet te jiepe, kwjong; Hou op met dat spetteren, kwajongen!

Stadsnieuws -  De knrrie zaat in zen drinkesbkske te jiepe - te spetteren (070310)

CiT (23) 'Lig nie te jiepe, kaoijonge!'

 

jiepknbbeke

zelfstandig naamwoord, verkleind

Frans Verbunt --  klein appeltje tussen grote

 

jikkeres van merante

uitroep - bastaardvloek

- Eerste lid = 'jezus-christus'

Kees en Bart - och jikkeres, o jikkeres, och jikkeris, och jazzes-van-merante

Jan Jaansen (Piet Heerkens) -- Jikkerevanmaraante, waor moet et in godsheerenaom dan toch naor toe mee de wereld! (uit De nuuwe dokter, Nwe. Tilb. Courant, 1940)

Jikkerevanmaraante, waor moet et in godsheerenaom dan toch naor toe mee de wereld! (Jan Jaansen; ps. v. Piet Heerkens svd; De nuuwe dokter; feuilleton in 4 afl. in NTC 27-1-1940 17-2-1940)

Henk van Rijen - jikkeres van merante ng n toe!

Verhoeven - OJIKKERES, uitroep van spijt; verbastering van: o, Jezus Christus.

Bont - marante! uitroep (gew. in verb. met s'ee'zes)  s'ee'zes, tussenw., sjezus.' ... Jezus Marante, seezesmarante! 

OT 66:59, 113

Overzicht van bastaardvloeken

 

jikkris-mina-toch

bastaardvloek, verzuchting

jikkris = Jezus Christus

mina = waarschijnlijk mijn

Cees Robben 19701106

Cees Robben 19860314

Overzicht van bastaardvloeken

 

jizzesmiena, jeezesmiena

tussenwerpsel

bastaardvloek

GG jeezesmiena, wn lf h die frllie! - tjonge, wat een figuur had dat meisje!

Overzicht van bastaardvloeken

 

Sint Job-beeld in de kerk van Enschot

Jb, Sint

zelfstandig naamwoord, eigennaam

Daamen, Handschrift 1916: "Sint Job kent z'n volk (spreekwoord)"

Sint Jobdevotiekaarsen in de kerk van Enschot - Foto: WTT

 

jodje

zelfstandig naamwoord, verkleinwoord van 'jood'

joodje

Audio-opname 1978 Dhr. Bertens dan hadde ng teegenoover de prttestante krk in de Zoomerstraot.. daor wonde zogezeej ok en stl Jodjes n die stl Jodjes dinne niks as in huije n in bene n ze kchte zak zgge de gte die verkchte ze wir n zo. (Collectie Heemkundekring Tilborch; transcriptie: Hans Hessels ► Klik hier voor audiofragment)

 

joedele

werkwoord, zwak

mogelijk van 'jodelen'

Toen ik vurbij "'t Engeltje" ging kwaam er monnica-muziek uit de half openstonde deur gejoedeld. (Kubke Kladder; ps. v. Pierre van Beek; NTC; Uit t klokhuis van Brabant 3; 23-10-1929)

 

joef

zelfstandig naamwoord

Frans Verbunt --  mafkees

 

joegde

oude verleden tijd van jaoge met persoonlijk voornaamwoord je

joeg je, jaagde je

Cees Robben Mar t echt geluk d joegde weg... (19651224)

 

joekere

werkwoord, zwak

joekeren

Ons vrouw was al weken lang aon t joekeren detter in ons kacheltje niks wo braanden... (Naarus; ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra)

 

jllie

bezittelijk voornaamwoord

het persoonlijk voornaamwoord 'jullie' is vrijwel altijd ► 'gullie'

jullie

Cees Robben Jllie Julia heeget zeker wir nie zeker... [?] (19800125)

Cees Robben Jllie moeder is wir oppenuut getrouwd, war... d-wel... (19800222)

Cees Robben jllie Zjuuleke... (19830826)

Cees Robben Tot in de pruimetd war.. En dan verzuuk ik jllie op de kraoksteene.. (19841221)

als bezittelijk voornaamwoord gevolgd door een mannennaam vaak de vorm jllieje

Cees Robben Vrijt jllieje Neel niemer, Nillus? (19751024)

Cees Robben Jllieje Fons... (19720303)

Dirk Boutkan (1996) - (blz.59) jullie bruur, julliejen oopaa, jullie/jullieje paa

A.A. Weijnen; Onderzoek dialectgrenzen in Noord-Brabant (1937) - Op krt.67 ligt T in de streek waar jullie/jllie met ullie/llie samenvallen (blz.125)

 

jong

I zelfstandig naamwoord, enkelvoudig en meervoudig gebruikt

A.A. Weijnen; Onderzoek dialectgrenzen in Noord-Brabant (1937) - In Tilburg uitgangsloos meervoud: 'jong' (blz.118)

WNT JONG - 1) jonggeboren mensch; in 't meervoud: kinderen

1. kind, klein kind

Naarus - Ge wit dk thuis as "den elfde" aongezet kwaamp bij ons Moederke, die echteluk den kraomtd al jaore vurbij was. 'k Was nog "n plat jong" toense Abraam zaag, en zoodoende hk mn eige; al van irsten af aon, n bietje overcompleet gevuuld. (ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra)

Lechim, ca. 1970 - W hee d jong gekweeke. (Ongedateerd knipsel uit de Tilburgse Koerier)
Henk van Rijen - et jng h en tuut in der toet - het kind had een speen in haar mond

WBD III.2.2:38 - 'jong' = kind

WBD III.2.2:39 - 'jong' = jongen

WBD III.2.2:72 - 'jong' = dochter

WBD III.1.1. lemma urineren  - Tilburg Kijken of men nog een jongen is.

2. kinderen, de eigen kinderen, kinderen in het algemeen

- Hil der jng hasse bedder. Ze had al haar kinderen bij zich.

- D meens heej aaltij en hil strp jng b der. Dat mens heeft altijd een hele schare kinderen bij zich.

- Gezegde - Aop, w hdde schon jong. Sarcastisch of corrigerend bedoeld; terechtwijzing van misplaatste trots.

- Gezegde (MP) - Tis vl, zi den l, n hij bekek zen jng.

- Gezegde - Frans Verbunt -  aajer of jong [kiezen of delen]

Kees en Bart (Tilburgsche Post ca. 1930) -  de schooljong

Piet Heerkens - Hinkelepink! Zo riepen de jong'/ as ie deur de straoten gong,/ "Hinkelepink, de schereslieper/ maait z'n beenen as 'ne kieper!" (Uit: De Mus, 'Hinkelepink', 1938)

Naarus -- Wurrom kunne die jong van de tegesworrige td ok nie mir mee knaauwboone speule? (ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra) [bonen gebruiken bij het kinderspelletjes]

Cees Robben Ik heb n goei vrouw.. Ze lpt nie weg en ze fret de jong nie op. (19850521)

Cees Robben Vruuger han jong snotneuze.. en tirreswrrig hebben snotneuze vort jong... (19790817)

Cees Robben [de ene vogeltjesprutter tegen de andere:] Ik heb hier niks hangen as unne tuureluut... Mar doar binne hek nog n kwk zitte mee drie jong... (19710723)

Cees Robben t zen neet-ren van jong (1650115)

Cees Robben Toen wees ie me n  nisje aon/ en zeej d is verlut... / As ik die jong te pakken krg../ O wee as ik ze snut... (19600708)

Cees Robben Vergimmese jong... (19720114)

Jan Naaijkens - D's Biks - 1992 -- 'jong' zelfstandig naamwoord, mv - kinderen, nakomelingen

Stadsnieuws -  Ik z meej mn jong nr de krmes gewist n naa zk himmel blut (090507)

J.H. Hoeufft, Proeve van Bredaasch Taal-eigen (1836) - 'De ouden verstonden dit ook van kinderen' zegt Weiland. ...Een lief jong. Z.a.

K. Heeroma - Brabants uit de 18e eeuw (woordenlijsten Verster,1968) - JONG, JONGENS - kind, kinderen.

A.P. de Bont - jngk, zelfstandig naamwoord, onzijdig. 'jonk' - jong kind, kind (zonder onderscheid v. geslacht)

3. jongen, als aanspreekvorm

R.J. 'Hurt de wnd es waaje, jng!'

Lechim - ca. 1970 - 'zen Opa wies d vruuger al/ Die was nie te verraasse/ Hij zee: 'Jong, waoter ds alln,/ Om oew gat mee te waasse.' (Ongedateerd knipsel uit de Tilburgse Koerier)

Lechim - ca. 1970 - Ons moeder zee : N jong', nie maauwe... (Ongedateerd knipsel uit de Tilburgse Koerier)
Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JONG (uitspr.; joeng) zelfstandig naamwoord - jongen, Fr. garon.

4. kind, kinderen, mild pejoratief bedoeld en daarom vaak vergezeld van een nadere aanduiding

Naarus - Die smid d was innen uuverige meens en innen goeien vadder. Die hee me van ze lve w afgeklopt en gehaomerd mist op t ijzer mar ok veul op de bruukskes van de jong, en d moog wel want t waren irste vrkes. (ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra)

Piet Heerkens - Toe, klimt er mar in, ge h't ze veur 't vatte!/ A'k dood zee komen de jong' ze mar jatte!" (Uit: Vertesselkes, 'Vrouwke Misre', 1941) [over de peren in de boom van Vrouwke Misre]
WTT 2012 - vrekes van jong - uitdrukking voor kinderen die lastig zijn

Cees Robben - et zn neetoore van jong

Cees Robben - en kwk meej drie jong [kwk = de moeder]

Cees Robben - lilleke snotjong!

Cees Robben -  Vruuger han jong snotneuze .. en tirresworreg hebbe snotneuze jong

Cees Robben - ze frt de jong nie op...

Cees Robben - w heej d strontjong toch en straant bakkes!

Lodewijk van den Bredevoort In den oorlog sloegen ze de jong, die kolen perbeerden te schoepen van de waogens aaf. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Lodewijk van den Bredevoort Ze han er hl veul kender en as ik zeg hl veul, bedoel ik ok hl veul. Waor ze allemol meej die jong blve s aovens, asse te bed moese, hk men ge wel ens afgevraogd. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Lodewijk van den Bredevoort Die verrekte jong staon k aaltij op oew hielen. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Lodewijk van den Bredevoort Tegen det donker wier en onze bk vol, stapte ons moeder, meej hil die jong om der hene, mar wir ens op. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

WTT 2012 - 'Wij hbbe knder, gullie ht jong!' (zegsman Peter IJsenbrant)

WvM - 'De q van het quken, da doen de kln jong'

WBD III.3.1:24 'jong', 'jongere', 'snotterd', 'tiener'

WBD III.2.2:33 - 'bedorven jong' = verwend kind; ook 'verwend jong'

5. jong van een dier

WBD III.4.2:24 'jong' - jong van een dier, ook 'jonkie'

6. verkleinwoord = jungske

- het betreft dan altijd een jongetje

- klankwettig diminutief van 'jong' (vgl. tong/ tungske)

Kees en Bart - Tilburgsche Post ca. 1930 -  en jungske

R.J. - 'toe na m'n jungske ...'

Piet Heerkens - Daor liep er eens 'n jungske/ te fluite langs de Laai/ en al de blumkes bloosden blij/ die er bloeiden in de waai. (Uit: De Mus, 'Tussen de blumkes', 1939)

Cees Robben - des braaf, men jungske

Lodewijk van den Bredevoort Ze laaide me de klas binnen, tussen de aander moeders en vadders deur, die k hullie jungske veur den irste keer naor de grote school kwamen brengen.  (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Lodewijk van den Bredevoort In de twidde [klas] zochten ze k jungskes t, die in un percessie meej zouen willen lope. Ik staak aachtermekaar menne vinger op. (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Lodewijk van den Bredevoort Z jungskes, zeej ons taante Drika... (ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006)

Kernkamp, Dialectenquete 1879 - de jungskes hebbe blumpkes geplokke

WvM - 'twee jungskes'

WBD III.2.2:39 'jongetje' = jongen

WBD III.2.2:71 'jongetje' = enig kind

II Bijvoeglijk naamwoord

ongetrouwd

En jong mske van firteg. - Een niet meer zo jonge ongehuwde vrouw.

Cees Robben - Beeter en aaw prd kept as en jong bedrve.

- Nevenvorm 'jonk'? (zie hieronder)

Bont jngk, bnw. 'jonk' - jong: 1) jeugdig; 2) ongehuwd: jng(k) bleve - ongehuwd blijven.

 

jonge

werkwoord, zwak

jonge, jongde, gejonkt

veel moeite doen, zich enorm inspannen, zoals vrouwen moeten doen als ze een kind baren

- Toen z ik zllef mar bodschappe gn doen n hbbik gdome den hil den aovend in de keuke stn jonge. (Uit: F. van der Meer, Ferry van de Zaande, verhalen van een echte Tilburger, 2010.)
- Veur mn stond 'n aaw meens n die was me tch 'n partij n et jonge meej d mesjien [pinautomaat]. (Uit: F. van der Meer, Ferry van de Zaande, verhalen van een echte Tilburger, 2010.)
 

jonk

bijvoeglijk naamwoord

jong, jeugdig

A.P. de Bont - jngk, bnw. 'jonk' - jong: 1) jeugdig, 2) ongehuwd: jng(k) bleve - ongehuwd blijven.

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JONK (in 't Z. en W.: joenk) bww. - jong, Fr. jeune.

 

jnt

persoonsvorm van het werkwoord jne

stinkt, laat scheten

2e + 3e pers.enkelv. tegenw. tijd van 'jne', met vocaalkrimping

 

Schilderij van Gerrit Dou - De uiensnijdster

jntje

zelfstandig naamwoord, verkleind

uitje, ajuintje, sjalot(je)

Frans Verbunt --  hij stooft zene stront op meej en jntje (gezegd v.e. gierig persoon)

-- 'jn' met vocaalkrimping: jntje

 

jod

zelfstandig naamwoord

jood

Dirk Boutkan (1996) - plur.: joode (blz.50)

WBD III.1.4:86 'jood' = bedrieger

 

joodemd

zelfstandig naamwoord

jodenmeisje, -meid

Mandos - Brabantse Spreekwoorden (2003) -  de joodemd speule (Kn'50) - de enige in een gezin zijn die niet vast

 

joodepeeper

zelfstandig naamwoord.

MTW salmiakpoeder

 

joodevt

zelfstandig naamwoord

druivesuiker

Cees Robben De pullen en de schuim/ Die plekken aon t joodevet... (19580329)

Wij moese aatij irst de [Hasseltse] kepl in n n rozehuuke bidde vurdmme vur en of twee cnte snuupkes mochte kope. En ik moet zgge, dan smkte-n-et ok beeter. Et joodevt, de stroopseldtjes, de drpveeters, t zuuthout, toverblle. (Ed Schilders; W zeetie?; website Brabants Dagblad Tilburg Plus 2009)

Mar wddik t lkkerste van alleml von, d waar kattespaauw. Witte w dt is? Ds nt as joodevt mar dan irst gesmolte n dan deeje zr pindanutjes durheene. (Ed Schilders; W zeetie?; website Brabants Dagblad Tilburg Plus 2009)
Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JODEVET zelfstandig naamwoord, onzijdig. - fig. speeksel, fluimen.

 

jppe

werkwoord, zwak

doppen, van de dop of peul ontdoen

bone jppe

- jppe - jpte - gejpt

 

jpperbaaj

Henk van Rijswijk - Jopperbaai: de zwaarste uitvoering van baai, waterafstotend gemaakt, meestal zwart en gebruikt voor werkkleding geschikt om door te werken bij slechte weersomstandigheden.

WNT lemma Jopper 2001 - znw. m., mv. -s. Uit hd. joppe (13de e.) < it. giubba, guppa `wambuis' < arab. (al-)ubba `lang wollen kleedingstuk, bovenkleedingstuk met lange armen'. Ook wel (in Friesl. en Geld.) in den vorm joppe.

 

Jordaan, de

Toponiem

Volksbuurt in Tilburg in de parochie Hasselt, deel van de 'Textielbuurt'; het gedeelte dat bagrensd wordt door Hasseltstraat en Ringbaar Noord.

Mar Wieske Snuf, j, die is pas dod, h! Want die zit daor in de, in de, ze zgge Jordaan! In, in de Hasselt daor zgge ze Jordaan teege, h. Daor wont Wieske Snuf! [Interview (audio) uit 1978 met het echtpaar Staps; transcriptie Hans Hessels, 2015]

 

jrgetij

zelfstandig naamwoord

jaargetij(de), jaardienst (mis)

Stadsnieuws -  In dees jrgetij kunde veul wnd verwchte. (170310)

WBD (III.3.5:125) jrgetij = jaargetijde

K. Heeroma - Brabants uit de 18e eeuw (woordenlijsten Verster,1968) - JAARGETIJ - een dienst die bij de Roomschkatolijken jaarlijks voor de overledenen geschied. Zie Kiliaen

Bont jo'rget, zelfstandig naamwoord, onzijdig. jaargetij, "jaarlijksche mis voor een of meer overledenen"

 

jrke

zelfstandig naamwoord, verkleind

jaartje

R.J. 'nieuwejorke'

- verkleinwoord van 'jaor', met vocaalkrimping

 

jrleks

bijvoeglijk naamwoord 

jaarlijks

Dirk Boutkan (1996) - (blz. 34) jrleks (met vocaalkrimping)

 

jrling

zelfstandig naamwoord

WBD eenjarig veulen, ook 'nter' genoemd

WBD paard van een tot twee jaar

Bont jo'rling, zelfstandig naamwoord, mannelijk. jaarling, paard dat n jaar oud is.

WNT JAARLING - dier (paard of rund) van een jaar oud

 

judje

zelfstandig naamwoord, verkleind

joodje, kleine jood

Bijnamenboek Karel de Beer - judje Moerl = dokter Salomon Moerel (blz.55)

 

juffersnuutje

zelfstandig naamwoord, verkleind

bepaald soort appels

Mar deez' appeltjes zijn buitengewoon lekker, 't zijn van die geele, spitse, zuute appeltjes en daorom noemen wij ze aaltij juffersnuutjes. (Jan Jaansen; ps. v. Piet Heerkens svd; Boere-Profeet; feuilleton in 5 afl. in de NTC 1-7-1939 29-7-1939)

WTT 2012 -- Waarschijnlijk wordt in het citaat van Jan Jaansen de appel Juffers-kruidappel bedoeld, ook wel Juffersappel en Jufferskruidling genoemd.

 

uit: Pomologia, 1763

 

Johann Hermann Knoop-- KRUID-APPEL (JUFFERS) Is een tamelyk grote Appel; van gedaante rondagtig en wat kantig, aan de eene zyde by 't Oog, dat niet zeer gezonken is, doorgaans wat hoger; deszelfs Schil is glad, en bleek-groenagtig-geel van Koleur; hebbende veele Appels aan dezelfde Boom veeltydts, van 't Oog af regt nederwaarts, een of meer verhevene strepen, als een fyne naad, of een scherpe verhevene kant, waaraan deze zoort in 't bezonder van andere te onderscheiden is Hy geeft, ryp zynde, een sterke aangename Reuk van zig; zyn Vleesch is zagt, zappig, en van een aangename heel geurige smaak; dus een der beste Appels in zyn tyd zynde, zo wel uit de Hand als voor de Pot. (Uit: Pomologia, dat is beschryvingen en afbeeldingen van de beste zoorten van appels en peeren, welke in Neder- en Hoog-Duitschland, Frankryk, Engeland en elders geagt zyn, en tot dien einde gecultiveert worden; 1763)

 

juk

zelfstandig naamwoord

WBD driehoekig raam om de nek v.e. kalf, ook genoemd 'raom' of 'rmke'

WBD (Hasselt) ossegareel (als een os de kar trekt)

 

juksel

zelfstandig naamwoord

jeuk

WBD III.1.2:325 'jeuksel' = huiduitslag

uit 'jk', met vocaalkrimping

Verh. JEUKSEL (juksel) o. jeuk juksel

 

jukt(e)

werkwoord, persoonsvorm

jeukt(e)

3e pers. tegenwoordige tijd/verleden tijd van 'jke', met vocaalkrimping

uitdrukking -  Der stao geschreeven n gedrukt dgge moet krabbe waor et jukt.

Henk van Rijen -- jukten et ok ok? - jeukte het inderdaad?

CiT (2) 'Juktenet okk?'

Stadsnieuws -  Der stao geschreeven n gedrukt dgge mot krabben as et jukt (280908)

 

jungske

zelfstandig naamwoord, verkleinde vorm van jong; jongetje

Cees Robben Kom prentje mn jungske (19640522)

- Tiesje was un Tilburgs jungske/ Un menneke van geenekaant Uit: Den blaawslot, Ad van den Boom, circa 2005.

- Dk wir as un kln jungske/ Dur de straote van aaw Tilburg liep Uit: Unnen droom, Ad van den Boom, circa 2005.

► jong

 

juske ?

zelfstandig naamwoord, verkleind
Daamen, Handschrift 1916: "'t is nog zo'n juske (zoo'n klein ventje)"

[mogelijk een verbastering van 'jungske']

 

Jussep, sint

eigennaam

Sint Jozef

Cees Robben - Cees Robben Sint Jussep onder n stlp en t hellig hart op unne pietestalleke. (19851129)

 

jut, juut

zelfstandig naamwoord

de jutespinnerij

- "Die mden van de Jut schnen mekaare uit veur al w lilluk is." Die meisjes der jutespinnerij schelden op elkaar in bewoordingen, waarin al wat leelijk is tot uiting komt. (A.J.A.C. van Delft; uit: de rubriek Van vroeger dagen # 118: Naar beschaafder spraak, Nieuwe Tilburgsche Courant - zaterdag 8 juni 1929)

 

juu

tussenwerpsel

WBD vooruit.' (voermansterm om een paard te doen voortgaan), ook 'vrthuu' genoemd

Ook onderdeel van krachttermen: sakkerjuu, nndejuu

Verh. JEU, uitroep tegen een paard: JU! - vooruit!; ook gevoegd achter de richting die aangegeven werd: aaromjeu!

Bont j, resp. j, tussenw. 'ju' resp. 'jeu' - uitroep om een paard aan te zetten, te doen voortgaan.

Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  JU, DJU tussenwerpsel/ roepwoord om een peerd te doen voortgaan.

 

juudasweek

oude benaming voor Goede Week, de week voor het Paasfeest; vernoemd naar Judas, de apostel die op Witte Donderdag Jezus overleverde aan de Romeinen.

Cees Robben De judasweek is wir vurbij, en t weer was novvenaant... (19800404) [Robben voegde aan de prent een voetnoot toe: Judasweek = goedeweek]

 

juuniekeever

zelfstandig naamwoord

gouden loopkever

WBD III 4,2:178 lemma Gouden loopkever - De gouden looppkever (Carabus auratus) is een glanzend groene, slanke kever van 25 mm die snel kan lopen. Hij leeft in velden en tuinen en eet insecten en wormen. De benamingen uit dit lemma kunnen een enkele keer ook de gouden tor gelden. De gouden tor (Cetonia aurata), 18 mm, is een groenzwarte kever met een geelgouden glans op de dekschilden die bij het vliegen gesloten blijven.
goudkever Tilburg
junikever Tilburg
 

juut

zelfstandig naamwoord

MTW jute, Indische hennep of vlas

 

juutepr

zelfstandig naamwoord

zomerpeer; de etymologie is onduidelijk

Cees Robben Ik heb mlpre, suikerpre, juutepre en klapse... en dan hek nog Glse vringpre, mar die zen enkelt goed vur de stoof... (19850927)

Frans Verbunt --  zomerpeer

MTW klein droog peertje

Jan Naaijkens - D's Biks - 1992 -- juut - zelfstandig naamwoord soort peer, juutepr; schelwoord: schle juut!

 

juuwel, jewel

zelfstandig naamwoord.

juweel

WBD III.1.3:259 'juweel' = juweel

R.J. 't juwel van de geminte

Naar het begin van de pagina
Inhoud Woordenboek Tilburgse Taal
CuBra Home